Los llanos de Cáceres, ofwel de steppen van Cáceres is een groot steppengebied wat tussen de steden Cáceres en Trujillo ligt. Hoewel het minder groot is dan la Serena is het een steppengebied van formaat waar vrijwel alle steppenvogels kunnen worden waargenomen. Min of meer centraal ligt het dorp Santa Marta de Magasca wat bij vogelaars bekend is. Over de steppen loopt een plattelandsweg waar vanaf een groot deel van de steppen kan worden overzien.
Deze steppen bestaan volledig uit grasland. Er is geen landbouw. Vroeger was dit gebied ook een dehesa met oude bomen die zijn gekapt voor de aanleg van de steden en voor de Spaanse Armada.
In de lente kan het relatief druk zijn met vogelaars. Oplettendheid is geboden, vooral bij drukke plaatsen. De plaatselijke bevolking is hier niet altijd blij mee en toetert regelmatig wanneer je ergens langs de weg stopt. De Guardia Civil controleert hier ook of ieder zich een beetje aan de regels houdt. Met name bij de scharrelaars worden zij nog wel eens gezien.
De steppes zijn enorm groot dus het is niet altijd gemakkelijk om de soorten te vinden die u graag wilt zien. De scharrelaars zijn eenvoudig te vinden. Zij zitten bij de nestkasten in de buurt van Cáceres. In deze nestkasten zitten ook steenuilen en kleine torenvalk.
Grote trappen zijn meestal het gemakkelijkst te zien ten zuiden van Santa Marta de Magasca. Er is daar een zandpad met een “Natura 2000” bord aan het begin. Dit pad kunt u een stuk inrijden. Hier kunnen ook kleine trap en zandhoenders worden gevonden.
Grauwe kiekendieven nestelen in de bermen. Door verstoring door vogelfotografen zijn de beste plekken echter verlaten. Onder andere door deze verstoring staat de soort hier fors onder druk.
Het aantal leeuweriken en grauwe gorzen is enorm. De oplettende vogelaar kan ook nog een duinpieper vinden.
Verder zijn de steppen prima jachtterrein voor de grote arenden, slangenarend en wouwen. Ook de gieren zijn hier vaak in grote aantallen te vinden.